Hoe erg is het dat festivals worden opgekocht door private equity?

Heeft een festival een ziel? En belangrijker: verkoop je die ziel als je je bedrijf verkoopt? Ik merk dat dit gesprek steeds feller wordt. De laatste jaren zijn veel festivals opgekocht door dezelfde partijen die er een stevig netwerk omheen bouwen. Veel mensen zijn daar boos over.

Ze praten over private equity alsof het de vijand is. En ik begrijp goed waar dat vandaan komt. Tegelijkertijd denk ik ook: zo zwart-wit is het niet.

Puur en failliet of verkocht en springlevend?

Want zonder die partijen waren veel festivals er nu niet meer geweest.  Corona was geen romantisch hoofdstuk. En er zijn organisaties die alleen nog bestaan omdat er destijds iemand instapte met diepe zakken. Het romantische beeld van onafhankelijk blijven is leuk, totdat je failliet gaat. 

Schaal kan ook kracht zijn. Je kunt beter inkopen, kennis delen en overhead slimmer organiseren. En belangrijker: mensen beter betalen en zorgen dat de hele keten gezond blijft.

© Jorn Baars

Want dit is geen vrijwilligerswerk, en dat moet het ook niet worden.

We draaien met elkaar een sector van miljarden, met tienduizenden banen en enorme maatschappelijke impact. Dan is het toch niet gek dat er ook geld verdiend moet worden? Zonder goed businessmodel geen goed festival. 

Niet alles past in een spreadsheet

Tegelijkertijd moet je daar ook niet in doorslaan. De wereld draait niet om schaal en rendement. 

Ik zat tijdens het panel “Who owns what?” tijdens ESNS naar een organogram te kijken van de Europese festivalmarkt. In het midden stonden 5 namen waar al het geld naartoe stroomt. Dat zet je wel aan het denken. Hoe gezond is dat? (note: organogram is wel gedateerd, maar geeft een goed beeld.

De festivalwereld is geen spreadsheet-industrie.

Ik ken letterlijk niemand in mijn netwerk die ooit dacht: “Lekker! KPI’s draaien en targets pakken in een corporate omgeving, laat mij maar festivals organiseren!”

Iedereen werkt in de festivalindustrie vanuit passie. Omdat je met elkaar iets wil bouwen dat mensen voelen.
En dat is de ziel waar we het over hebben.

De ziel zegeviert

De ziel van een festival zit in mensen. Leveranciers die net dat stapje extra zetten. Crew die in de stromende regen nog blijft lachen. Creatieve duizendpoten die de meest waanzinnige concepten uitwerken. En programmeurs die maanden puzzelen op een line-up.

Als je daaraan voorbij gaat en alleen focust op cijfers, dan gaat de ziel stap voor stap verloren. Door de oude garde eruit te bonjouren, geld boven sfeer te kiezen en het DNA te laten verwateren.

Festivals die populair blijven, zijn bijna altijd de festivals waar dat DNA keihard bewaakt wordt. Waar iemand aan tafel zit die zegt: ‘Leuk dat het geld oplevert, maar dit gaan we niet doen.’

Kies voor wat juist is

De realiteit is niet makkelijk. Investeerders kijken nou eenmaal naar cijfers. Maar de directie maakt nog steeds de keuzes. Hoe jij bezuinigt, waar je op stuurt en wat je belangrijk maakt, is bepalend voor de ziel van het bedrijf. 

Daarom denk ik dat de echte vraag is: durf je te kiezen voor wat juist is, ook als dat op papier niet de meest rendabele optie is? 

Ik denk dat dat het belangrijkste is voor het bestaansrecht op de lange termijn. Want uiteindelijk onthoudt een bezoeker maar één ding. Niet wie de eigenaar is, maar of het goed voelt. 

Beeld: Jorn Baars & Freke Reimer